Aankomsten door verblijfstoeristen

  • Aantal toeristische aankomsten in juni 2021 ruim dubbel zo hoog als in 2020

    In de eerste 6 maanden van 2021 waren er in totaal 2 miljoen toeristische aankomsten in het Vlaamse Gewest. In januari ging het om iets meer dan 110.000 aankomsten, in februari om 240.000. Tot en met 7 februari waren vakantieparken en campings gesloten in het kader van de strijd tegen de COVID-19-pandemie. In maart 2021 kwamen ruim 215.000 toeristen aan. Dat zijn er bijna evenveel als in maart 2020, maar 3 keer minder dan in maart 2019. De volgende 3 maanden ging het aantal aankomsten omhoog: van bijna 400.000 in april tot 570.000 in juni. Op 8 mei gingen zwembaden en terrassen weer open, op 9 juni mocht de horeca ook binnen opnieuw mensen ontvangen. De ruim 570.000 toeristische aankomsten in juni waren goed voor ruim het dubbele van het aantal aankomsten in juni 2020, maar slechts 60% van het aantal aankomsten in juni 2019. Kampen en schooluitstappen met overnachtingen waren in juni 2021 nog steeds niet toegelaten. 

    De COVID-19-crisis had een grote impact op het aantal aankomsten vanaf maart 2020. In januari en februari 2020 lag het aantal toeristen dat aankwam in het Vlaamse  Gewest  nog 10% tot 11% hoger dan in dezelfde maanden in 2019. Van maart tot mei 2020 was er echter sprake van een sterke terugval van het aantal aankomsten. Dat hing samen met  de  lockdown-maatregelen die vanaf midden maart 2020 werden ingesteld. Tussen 18 maart en 7 juni waren alle logies behalve de hotels gesloten. In hotels waren  enkel  overnachtingen voor niet-toeristische doeleinden toegelaten.  

    Op 8 juni 2020 mochten alle logies weer openen, ook voor toeristische overnachtingen.  Vanaf juni steeg het aantal aankomsten daardoor opnieuw. In de maanden juli en augustus werden 890.000 en 700.000 aankomsten geregistreerd, goed voor bijna 70% van de aankomsten een jaar eerder. In september en oktober zakte het aantal aankomsten verder terug tot respectievelijk 57% en 34% van dezelfde maanden in 2019.  

    Op 3 november moesten campings en vakantieparken opnieuw sluiten. Hotels en  B&B’s  mochten open blijven, maar de bars en restaurants werden gesloten. Dat maakt dat het aantal aankomsten in de laatste 2 maanden van 2020 opnieuw zakte tot 116.000 aankomsten in november en 146.000 in december, goed voor 16% en 20% van het aantal in dezelfde maanden in 2019. 

  • In 2020 minder dan de helft van het aantal toeristen in 2019

    In 2020 kwamen volgens de definitieve jaarcijfers in totaal 4,4 miljoen toeristen aan in het Vlaamse Gewest. Dat aantal komt overeen met 42% van het aantal aankomsten in 2019. 

    Het aandeel zakentoeristen schommelde in 2020 rond de 20% van het totaal aantal aankomsten. In de jaren daarvoor lag dat steeds iets hoger. 

    In de nasleep van de aanslagen in Brussel in maart 2016 kwamen er dat jaar minder toeristen aan in het Vlaamse Gewest dan in 2015. In 2017 was er sprake van een duidelijk herstel. Tussen 2015 en 2019 is het aantal aankomsten met gemiddeld 3% per jaar gestegen. De daling in 2020 was omwille van de COVID-19-crisis erg groot. In de loop van 2020 moesten heel wat logies verschillende maanden de deuren sluiten. 

  • Toeristen kiezen vooral hotel als logiesvorm

    54% van de aankomsten werden in 2020 geregistreerd in een hotel. Gîtes, vakantiewoningen en appartementen waren goed voor 12% van de aankomsten. Alle andere logiesvormen haalden een aandeel van minder dan 10%. 

    In hotels, gastenkamers en vakantieverblijven verbleven de toeristen gemiddeld 2 tot 3 nachten, terwijl ze in jeugdherbergen, vakantieparken en campings 4 tot 4,5 nachten verbleven en in gîtes, vakantiewoningen en appartementen 6,5 nachten. 

  • Vooral toeristen uit eigen land

    Bij 68% van alle aankomsten in het Vlaamse Gewest in 2020 ging het om Belgische toeristen. Toeristen uit de buurlanden waren goed voor 23% van alle aankomsten. Vooral Nederlanders, maar ook Duitsers en Fransen komen vaak naar het Vlaamse Gewest op vakantie. De overige 8% van de aankomsten gebeurden door toeristen afkomstig uit andere landen dan de buurlanden. 

  • Kust, kunststeden en gemeenten met vakantieparken zijn meest populair

    Een groot aandeel van de toeristen reisde in 2020 naar de kust: 28% van de aankomsten of 1,3 miljoen aankomsten werd in de kustgemeenten geregistreerd. Koploper is Oostende (270.000 aankomsten). Daarna komen Koksijde, Blankenberge en De Haan met telkens 150.000 tot 160.000 aankomsten.  

    Ook in de 5 Vlaamse kunststeden (Antwerpen, Brugge, Gent, Leuven en Mechelen) kwamen in 2020 in totaal 1,2 miljoen toeristen aan. Dat komt overeen met 27% van alle toeristen. Brugge en Antwerpen telden elk ongeveer 400.000 aankomsten. 

    In alle andere gemeenten samen vonden 45% van de aankomsten plaats, met de grootste aantallen in enkele gemeenten met vakantieparken in de Kempen. Ook enkele andere steden, zoals Ieper, Hasselt en Kortrijk ontvingen meer dan 50.000 toeristen per jaar. Ook in Voeren werden bijna 53.000 toeristische aankomsten werden geteld. 

  • Meer aankomsten in Vlaams Gewest dan in andere gewesten

    In 2020 waren er 4,4 miljoen aankomsten in het Vlaamse Gewest, tegenover bijna 2 miljoen in het Waalse Gewest en bijna 1 miljoen in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest.  

    Toeristen verblijven ook het kortst in het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest: ze verblijven er gemiddeld 1,8 nachten ten opzichte van 2,6 nachten in het Waalse Gewest. In het Vlaamse Gewest verblijft een toerist gemiddeld 2,9 nachten. 

    In het Vlaamse Gewest zijn 68% van de aangekomen toeristen Belgen. In het Waalse Gewest ligt dat aandeel iets hoger (74%). In het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest zijn er veel minder Belgische aankomsten. Daar gebeuren 68% van de aankomsten door buitenlandse toeristen. 

Publicatiedatum

1 oktober 2021

Volgende update

januari 2022

Meer cijfers

Contact

Vorige versies